De laatste les voor de grote vakantie. Het is snikheet en we wachten op het voorspelde Grote Onweer. Vier cursisten zijn afwezig. We maken een rondje, hoe is het iedereen de laatste twee weken vergaan? De meesten goed, sommigen hebben het echter heel zwaar gehad, doordat de laatste sessie hen erg heeft geraakt. Helma twijfelt nog even of we wel zullen gaan mediteren. Bij onweer is dat, net als aura wassen, niet verantwoord vanwege de grote hoeveelheid energie die in de lucht hangt. Maar ze besluit dan toch te maar beginnen: "Als het echt losbarst, breken we wel af." We staren volgens vast stramien naar een punt in de verte en sluiten een poosje later op commando onze ogen. Het is broeierig en warm, maar ik probeer me naar binnen te richten. Plotseling klinkt Helma's stem door de ruimte. "Een op de vijf mensen is heldervoelend en heeft deze hooggevoeligheid als gave. Zij kunnen intenser waarnemen dan anderen, gevaren eerder signaleren en aanvoelen wanneer iets niet klopt; zij weten sneller waar mensen in hun omgeving behoefte aan hebben en of zij vriendelijk of vijandig gezind zijn." Ze leest een hele poos voor. Ondertussen begint het te regenen, grote druppels zo te horen op het dak. Wat verder weg onweert het ook al. Maar we maken de sessie gewoon af. Daarna krijgen we de tekst op papier en gaan we in tweetallen aan het werk. Ik met Josje, voor het eerst. De bedoeling is dat we elkáár ondervragen om erachter te komen in hoeverre de ander hooggevoelig is. Maar Josje begint te praten en af en toe grijp ik in. Ik loop de tekst door en zeg snel hoe dat bij mijzelf zit: Ja, ik voel als ik binnenkom aan hoe de sfeer in een groep is en negatieve stemmingen kunnen op mij overslaan; ja, ik ben creatief; en ja, als ik iets beloof te doen dan ga ik er 100% voor. Maar nee, ik heb er niet alles voor over om anderen gelukkig te maken; nee, ik beleef niet alles 50x zwaarder dan mijn medemens; en nee, ik heb niet makkelijk contact met het bovennatuurlijke. Bij elk punt geef ik snel mijn eigen ervaring en plak eraan vast 'En jij?' om het gesprek gestructureerd te houden. Josje vertelt. Bij elk punt heeft ze meerdere voorbeelden. Na een kwartier gaan we terug in de kring. "We gaan nu kijken in hoeverre jullie je gesprekspartner hebben leren kennen. Josje, ben je veel te weten gekomen over Yvonne?" "Ja, ik geloof het wel." "Heb je veel gevraagd?" "We hebben de tekst afgelopen." "Oké. En heb je ook doorgevraagd?" "Eh... Nee." "Waarom niet?" "Dat weet ik niet, omdat ik zelf graag wilde vertellen, denk ik." En daar haalt ze zomaar eventjes een kant van mij naar boven waar ik zelf nooit zo bij stilsta: "Waarom heb jij niet meer tijd voor jouw eigen verhaal opgeëist? Het was de bedoeling dat het een gelijkwaardig gesprek werd." En ja, ik herken dit. Als mensen erg graag hun verhaal kwijt willen en steeds weer op zichzelf over gaan, dan 'geef ik het op'. Of gun ik ze dat. En dan vind ik het meestal best om gewoon maar te luisteren. Maar daar hoef ik natuurlijk niet altijd genoegen mee te nemen. En zo ben ik met mijn neus op dit feitje over mijzelf gedrukt en Helma zegt dat ik daar in de vakantie maar eens over na moet denken, waarom dat bij mij zo werkt. Ik vind het interessant!
Bij veel anderen is het gesprek wel goed en gelijkwaardig verlopen. De meesten schatten elkaar meer dan gemiddeld hooggevoelig in. Ik geef mezelf een zeventje, voor de sensuele/aardse zaken, niet de spirituele.
We blijven knus in de kring zitten terwijl de regen gestaag op het dak roffelt. Helma vertelt dat je je helpers (ze heft haar handen boven haar schouders) alles mag vragen. Deze gidsen of engelen, steevast 'ze' genoemd door Helma, zullen alles doen om je te helpen. Soms krijg je het in een andere vorm dan je verwacht, maar meestal krijg je echt hulp! Helma gaat ervan uit dat iedereen helpers heeft. "Als ik boodschappen ga doen", vertelt ze "spreek ik altijd mijn hoop uit dat er een parkeerplaatsje voor me is en echt, er komt er altijd net eentje vrij!" Ik schiet inwendig in de lach. Een parkeerplaatsje vragen aan je engelen? "Of", zegt ze, "je moet die dag een belangrijke vergadering leiden. Je loopt dan van tevoren de dag door en vraagt 'ze' om hulp. Dat de sfeer goed zal zijn. Dat jullie eruit zullen komen, dat om te beginnen iedereen op tijd is." "Iedereen op tijd?" vraag ik, "dat is toch moeilijk te beïnvloeden? Er komt meestal wel iemand te laat." "Je moet er natuurlijk wel op vertrouwen, als je wat vraagt", beantwoord Helma mijn interruptie volkomen overtuigd. "Met de instelling dat er altijd wel iemand te laat is, gaat het niet lukken natuurlijk." Die zit! Een beetje. "Of"vervolgt Helma haar gloedvolle betoog, "je zit op een zwoele zomeravond lekker buiten, je kent dat wel, en ineens is er herrie. Een grasmaaier, andere apparaten..." "...een feestje", vul ik aan. "Ja, of een feestje. Je kunt dan vragen 'Het zou toch heerlijk zijn als het zometeen weer lekker rustig wordt' en meestal wordt het daarna inderdaad weer stil." Ik trek mijn wenkbrauwen op. "Dus met jouw vraag, beïnvloed je dan het leven van 30 mensen die hun feestje opbreken." Maar zo zit het nou ook weer niet, is het antwoord. Ik beïnvloed niet hun leven, mijn wens wordt eenvoudigweg verhoord. Mijn wenkbrauwen zakken geen millimeter vrees ik, na dit antwoord (dat volgens mij geen antwoord is). Bovendien: kun je je helpers om zulke triviale dingen vragen en houden ze zich daar dan ook werkelijk mee bezig? Het antwoord is "Ja! Je moet het ook niet als egoïstische vragen zien. Je mag alles, echt alles vragen en dan bepalen 'zij' of je het krijgt of niet en ik welke vorm."
Ik vind dit weer een enge kant op gaan. Dus als iemand kanker heeft en niet geneest, had hij maar meer om hulp moeten vragen en meer vertrouwen moeten hebben? Maar ik ga de discussie niet aan. Per slot van rekening is het de laatste les voor de vakantie. En op zich is het een erg prettige avond geweest. Dat wil ik graag zo houden.
Vlak voor het eind krijgt iedereen pen en papier. We moeten elk voor iemand uit de groep een boodschap opschrijven, die we de ander in de vakantie mee willen geven. Ik kies de jongste, Myrthe, die net haar proefwerkweek achter de rug heeft. Ik krabbel neer dat ze moet gaan genieten van haar welverdiende rust en even alle (school)stress van zich af moet laten glijden. Dan wordt de eerste boodschap door een ontvanger uitgesproken. Diepzinnig en spiritueel. De tweede. Idem. Ik schrik. Voel gêne opkomen. Als ik mijn boodschap mag voorlezen vouw ik het papiertje open: "Voor Yvonne. GELOOF laat het los en heb vertrouwen." Een mooie wens, die twee jaar geleden echt exact bij me had gepast en nu nog steeds omdat ik het voor een groot deel al onder de knie heb. Eindelijk is Myrthe aan de beurt. Ik houd mijn adem in. "Ja, ik heb niet zo'n diepzinnige boodschap geschreven", mompel ik als ze uitgelezen is. "Ho! Stop!" roepen Helma en Ernst in koor. "Heeft iemand er iets van gezegd? Je moet jezelf niet gaan neerhalen. Voor Myrthe is dit een heel goede boodschap nu." Ik bijt op mijn lip en onderken: ik heb vanavond alwéér iets over mezelf geleerd. Ik ben nog steeds te onzeker soms. Ik haal mezelf publiekelijk neer. Waarom? Nog iets om deze vakantie over na te denken, maar ik herken het zeker! Als Myrthe beaamt dat dit precies is wat zij nu nodig heeft, laat ik de vage schaamte weer van me afglijden. En met een prettig gevoel wordt de les afgesloten.
Nu hebben we een paar maanden rust. Tijd om wat dingen te overdenken. In september volgt het staartje...
>>>>Ik ben nog steeds te onzeker soms.<<<< schrijft yvonne
BeantwoordenVerwijderenNou... dat is maar goed ook. Als je vindt dat je geweldig bent en overal goed in bent dan ben je volgens mij helemaal niet zo'n prettig mens. Zelfvertrouwen is heerlijk maar een beetje onzekerheid maakt wel dat je méns bent!
Dettie
Ja, dat is ook wel weer waar...
BeantwoordenVerwijderenHoi! Ben een beetje aan het bijlezen en bovenstaand stukje is uit mijn hart gegrepen - het opgeven als iemand je overvalt met zijn verhaal en het onzeker zijn. Is dat soms ook des weegschaals?? Leuk om je verhalen te lezen!
BeantwoordenVerwijderen